Paarden in de Professorenwijk

Op 8 augustus heeft de afdeling Handhaving geconstateerd dat op een perceel op de Buys Ballotstraat, De Sitterlaan en de Van ’t Hofstraat te Leiden, paarden en geiten worden gestald terwijl dit in strijd zou zijn met het bestemmingsplan. Hierop is bij voorgenomen besluit van 11 augustus jl. (verzonden op 13 augustus jl.) aan de familie Buijn is kenbaar gemaakt dat hun paarden moeten worden verwijderd op straffe van een dwangsom van € 15.000,-.

De paarden staan er echter al vele jaren, worden goed verzorgd en de mest wordt 1 tot 2 keer per week afgevoerd. Regelmatig komen er kinderen uit de buurt naar de paarden kijken. De paarden en geitjes maken voor deze kinderen en overige buurtbewoners een geliefd onderdeel uit van de buurt/hun woonomgeving en hebben dus een maatschappelijk doel.

Wij vinden dat er voor dieren, waar mogelijk, plaats moet zijn in de stad. Contact met dieren doet ons beseffen dat we niet de enige aardbewoners zijn. Daarom de volgende vragen:

1. Volgens de eigenaren van de dieren is het terrein al 16 jaar in gebruik om dieren te houden. Als dit zo is, waarom dan nu opeens een besluit tot ontruiming?

2. Er zou geklaagd zijn over de dieren. Welke klachten zijn dat en hoeveel?

3. Ook de opstallen moeten worden afgebroken. Het perceel is echter niet in eigendom van de huurders. Is ook de eigenaar van het terrein en van de opstallen aangesproken?

4. Is het mogelijk om het ontruimingsbesluit uit te stellen, totdat (gezamenlijk) een oplossing kan worden gevonden?

5. Heeft de gemeente onderzocht of er andere manieren zijn dan ontruiming om aan de klachten tegemoet te komen? Zo nee, bent u hiertoe bereid?

6. Heeft het college oog voor het maatschappelijk belang voor kinderen en andere buurtbewoners, omdat zij in contact kunnen komen met  dieren in hun eigen buurt?

7. Mochten de paarden en geiten inderdaad weg moeten, welke ruimte is er voor opvang op bijv. kinderboerderijen in de omgeving?

8. Mochten de paarden en geiten inderdaad weg moeten, op welke manier kan de gemeente de buurtbewoners die wel prijs stelden op dieren in de binnentuin, tegemoet komen?

Antwoorden

Op 8 augustus heeft de afdeling Handhaving geconstateerd dat op een perceel op de Buys Ballotstraat, De Sitterlaan en de Van ’t Hofstraat te Leiden, paarden en geiten worden gestald terwijl dit in strijd zou zijn met het bestemmingsplan. Hierop is bij voorgenomen besluit van 11 augustus jl. (verzonden op 13 augustus jl.) aan de familie Buijn is kenbaar gemaakt dat hun paarden moeten worden verwijderd op straffe van een dwangsom van € 15.000,-.

De paarden staan er echter al vele jaren, worden goed verzorgd en de mest wordt 1 tot 2 keer per week afgevoerd. Regelmatig komen er kinderen uit de buurt naar de paarden kijken. De paarden en geitjes maken voor deze kinderen en overige buurtbewoners een geliefd onderdeel uit van de buurt/hun woonomgeving en hebben dus een maatschappelijk doel.

Wij vinden dat er voor dieren, waar mogelijk, plaats moet zijn in de stad. Contact met dieren doet ons beseffen dat we niet de enige aardbewoners zijn. Daarom de volgende vragen:

1. Volgens de eigenaren van de dieren is het terrein al 16 jaar in gebruik om dieren te houden. Als dit zo is, waarom dan nu opeens een besluit tot ontruiming?

Omdat er sinds dit jaar klachten van omwonenden zijn binnengekomen met betrekking tot stankoverlast, geluidshinder, wateroverlast en ongedierte, is er onderzoek gedaan naar dit perceel en is vast komen te staan dat er sprake is van strijdigheid met het bestemmingsplan. Deze constatering is de reden voor de aanschrijving. Dit betekent inderdaad dat de dieren zullen moeten verdwijnen. Daarmee zal dan ook de overlast verdwijnen.

2. Er zou geklaagd zijn over de dieren. Welke klachten zijn dat en hoeveel?

Het aantal omwonenden bij de gemeente bekend dat klaagt is 12. Zij klagen over overlast van geur, water, geluid en vliegen.

3. Ook de opstallen moeten worden afgebroken. Het perceel is echter niet in eigendom van de huurders. Is ook de eigenaar van het terrein en van de opstallen aangesproken?

Ja, zowel de eigenaar als de overtreder hebben een voorgenomen besluit ontvangen.

4. Is het mogelijk om het ontruimingsbesluit uit te stellen, totdat (gezamenlijk) een oplossing kan worden gevonden?

Er is overleg geweest met de gebruikers. Dit heeft niet geleid tot een minnelijke oplossing. Met de gebruikers isgesproken over het nemen van overlastbeperkende maatrelen. Er zijn enkele maatregelen getroffen, echter deze leidden op zichzelf weer tot overlast. Bijvoorbeeld het wegpompen van het water leidde weer tot overlast van geluid. Overige maatregelen hebben niet geleidt tot vermindering van de door de omwonenden ervaren overlast.

Er is een poging ondernomen om in overleg te treden met de eigenaar. Dit is niet gelukt omdat de eigenaar niet reageert op onze uitnodiging.

Een van de oplossingen was de eigenaar te bewegen tot uitruilen of tot verkoop grond aan de gemeente.

5. Heeft de gemeente onderzocht of er andere manieren zijn dan ontruiming om aan de klachten tegemoet te komen? Zo nee, bent u hiertoe bereid?

Zoals onder vraag 4 aangegeven is, is er poging ondernomen met gebruikers en de eigenaar in overleg te treden. Daarnaast is gesproken met de wijkagent over de situatie. Verder is door de Omgevingsdienst een telefoonnummer doorgegeven waar de geluidsoverlast kan worden gemeld. De klachten omtrent overlast vormden de aanleiding om het voorgenomen besluit te sturen. Er is geconstateerd dat sprake is van strijdigheid met het bestemmingsplan.

6. Heeft het college oog voor het maatschappelijk belang voor kinderen en andere buurtbewoners, omdat zij in contact kunnen komen met  dieren in hun eigen buurt?

Het maatschappelijk belang, zoals gesteld, begrijpt het college in algemene zin, maar op deze locatie is dat niet toegestaan en gelet op de klachten, onwenselijk. Overigens is er sinds een half jaar geen contact meer tussen de gebruikers, kinderen en buurtbewoners (informatie gebruikers) in verband met de spanningen tussen gebruikers en de omwonenden.

7. Mochten de paarden en geiten inderdaad weg moeten, welke ruimte is er voor opvang op bijv. kinderboerderijen in de omgeving?

Dat is niet onderzocht. Huisvesting van deze dieren is primair de  verantwoordelijkheid van de eigenaar van de dieren. Eerder heeft de eigenaar van de dieren contact gehad met een boer uit de omgeving van Leiden. De man heeft op dat moment aangegeven land beschikbaar te hebben voor de dieren.

8. Mochten de paarden en geiten inderdaad weg moeten, op welke manier kan de gemeente de buurtbewoners die wel prijs stelden op dieren in de binnentuin, tegemoet komen?

Niet. Zolang de bestemming wonen rust op dit stuk land blijft het onmogelijk om hier dieren te houden. Een mogelijkheid is om het bestemmingsplan aan te passen, maar om reden van ruimtelijke ordening en de grote tegenstand uit de buurt is dit niet wenselijk.

Het houden van dieren op een stukje grond dat bestemd is als wonen op een locatie als deze, dat wil zeggen omringd door gezinswoningen, past niet in het bestemmingsplan en geeft te veel overlast voor de directe omgeving.

Een locatie binnen, bijvoorbeeld een agrarische bestemming, leent zich beter voor het houden van dieren. De buurtbewoners en hun kinderen kunnen een kinderboerderij bezoeken waar diverse soorten dieren aanwezig zijn.