Kunstgras op sportvelden

De Partij voor de Dieren heeft eerder de ongeremde groei van kunstgras aan de orde gesteld. In antwoord op eerste technische vragen bij de Sportnota heeft u in kaart gebracht hoeveel kunstgrasvelden (aantal en vierkante meters) er de afgelopen jaren zijn aangelegd en hoeveel er nog in de planning staan. Het bedrag aan verstrekte subsidie zou niet op te leveren zijn; wel de geplande subsidies. Ook had u geen inzicht in de effecten op gezondheid en milieu kon u niet aangeven.[1]

Inmiddels is er meer bekend. Zaterdag (27-02-2016) verscheen in de Volkskrant[2] het artikel ‘Van kunstgras voetbalveld tot plastic soep’, waarin beschreven wordt dat kunstgras voetbalvelden worden bedekt met een strooisel van kunststof korreltjes (vermalen autobanden). Deze korreltjes blijven verhuizen via voetbalkleding en schoenen naar de omgeving. Hierdoor verdwijnt in Nederland jaarlijks één miljoen kilo plastic korreltjes in het milieu. Voetbalvelden zijn een bron van microplastics door de slijtage van het kunstgras en via het rubbergranulaat (de korreltjes) dat aan het veld wordt toegevoegd.

Gezien de duurzaamheidsambities van Leiden vinden wij het niet te begrijpen dat kunstgras velden niet alleen acuut een halt wordt toegeroepen, maar dat deze zelfs gesubsidieerd worden. Daarom heeft onze fractie de volgende vragen:

1. Hoeveel subsidiegeld is er tot nu verstrekt aan kunstgras op welke sportvelden, en hoeveel staan er nog op stapel? Kunt u het overzicht completeren met financiële gegevens? Hoeveel wordt er bespaard op onderhoud (maaien)?

2. Met hoeveel kilo kunststof korrels worden deze velden jaarlijks bijgevuld? Welk materiaal betreft het?[3]

3. Op hoeveel velden wordt gebruik gemaakt van een alternatief, bijvoorbeeld korrels van kurk? Graag een overzicht van de alternatieven en hoe vaak deze gebruikt worden.

4. Deelt het college de zorgen van de PvdD met betrekking tot microplastics die vrijkomen bij slijtage van kunstgras en via het rubbergranulaat dat aan voetbalvelden wordt toegevoegd?

5. Is het bij college bekend of er bij Leidse verenigingen die kunstgrasvelden hebben dergelijke maatregelen worden uitgevoerd? Zo ja, graag de informatie hierover. Zo nee, welke mogelijkheden heeft het college om verenigingen hiertoe te stimuleren en zo de milieu-impact van de strooikorrels in hun velden te beperken?

6. Sinds enkele jaren is er ook kunstgras beschikbaar dat op een speciale manier geweven is waardoor instrooikorrels niet meer nodig zijn. Zal dit type kunstgras ook worden toegepast bij Lugdunum (gepland zomer 2016) en andere verenigingen? Is het college bereid de aanleg van dit type kunstgras als voorwaarde te stellen voor subsidie?

Stadsvogeldeskundige Jip Louwe Kooijmans maakte op de bijeenkomst over biodiversiteit bekend dat er op kunstgrasvelden meer chemische bestrijdingsmiddelen worden gebruikt dan op echte grasvelden. Op kunstgras vormen zich namelijk algen, die zich tot een vieze slijmlaag kunnen ontwikkelen.

7. Op welke manier worden deze algen bestreden en is de gemeente hierbij betrokken? Verdwijnt deze substantie in het milieu of wordt deze afgevoerd? Er zijn enkele milieuvriendelijke alternatieven. Worden deze toegepast, of is de gemeente hierover in gesprek?

De productie, aanleg en vernieuwing van kunstgrasvelden is belastend voor het  milieu, terwijl natuurgrasvelden daarentegen juist een positieve bijdragen leveren door onder meer het vasthouden van CO2. Natuurgras lijkt bovendien goedkoper te zijn, waardoor voor hetzelfde bedrag meer sportvelden aangelegd kunnen worden dan wanneer voor kunstgras gekozen wordt.

8. Is het college het met de PvdD eens dat bij het aanleggen, vernieuwen of uitbreiden van sportvelden de afweging tussen kunstgras en natuurgras gemaakt zou moeten worden op basis van gevolgen voor het milieu en daarmee ook de volksgezondheid?

9. Deelt het college de zorgen van de PvdD dat met het aanleggen van kunstgras een foerageergebied voor dieren verloren is gegaan? Er kan geen worm meer de kunstgraslaag. Je kunt het gebied dan net zo goed asfalteren. Hoe rijmt u dit met andere acties die de gemeente stimuleert, zoals de operatie Steenbreek, en andere biodiversiteitdoelen binnen het programma Duurzaamheid?

10. Leiden gaat door als de meest versteende gemeente van Nederland. Deelt het college de mening van de PvdD dat de aanleg van kunstgras elders gecompenseerd zou moeten worden, door eenzelfde aantal vierkante meters te onttegelen?

Kunstgrasvelden zijn over het algemeen groen. Dat is misleidend voor vogels. Laatst zag ik 2 scholeksters landen op zo’n kunstgrasveld. Ze dachten wormen te kunnen pikken maar kwamen bedrogen uit.

11. Bent u bereid als voorwaarde voor subsidie te stellen om nieuw aan te leggen kunstgrasvelden paars of oranje te maken, als teken en als waarschuwing dat het geen echt gras is?

[1] Antwoord op technische vragen Evaluatie Sportnota d.d. 14-1-2016
Het totaal aan oppervlakte kunstgras extra gerealiseerd in de periode 2010 t/m 2015 betreft 35.836 m2:

Kikkerpolder          UVS                                      hoofdveld                   8.512 m2
Noord                     Roodenburg                       veld 2 verbreding          313 m2
Montgomery          KZ Danaiden                      2 korfbalvelden          4.264 m2
Boshuizerkade      Golsport/FC Boshuizen      2 kunstgrasvelden    15.150 m2

Morskwartier II      VV Leiden/Rijnland            veld 3                           7.597 m2

In 2016 staat de toevoeging bij Lugdunum vervanging hoofdveld met 8.200 m2 op stapel. Het inschatten van effecten op gezondheid en milieu kunnen wij niet aangeven. Alleen op basis van een onderzoek door gespecialiseerd bureau zou dat inzichtelijk kunnen worden gemaakt.

Diverse sportparken vervanging gras naar kunstgras: totaal beschikbaar 1.367.000
Invulling:

UVS nieuw kunstgrasveld gerealiseerd 2015: 350.000
Kunstgrasveld Lugdunum (reeds toegezegd en gepland 2016): 265.000
Reservering uitbreiding capaciteit hockey: 500.000
Restant voor korfbal, tennis en voetbal: 252.000
(Evaluatie Sportnota, p. 23)

[2]
www.volkskrant.nl/economie/van-kunstgras-voetbalveld-tot-plastic-soep~a4252579/

[3] Korrels van rubbergranulaat kunnen diverse chemicaliën uit oude autobanden bevatten. Om verontreiniging van de directe omgeving te voorkomen kunnen diverse maatregelen genomen worden. Voorbeelden hiervan zijn het zorgen voor verhardingtussen kunstgrasveld en kleedkamer, regelmatig schoonvegen hiervan en  het veegzand bij het restafval doen, en de drainage van het veld scheiden van de afwatering van de rest van het terrein om zo het drainagewater regelmatig te kunnen monitoren op verontreiniging.

Antwoorden

De Partij voor de Dieren heeft eerder de ongeremde groei van kunstgras aan de orde gesteld. In antwoord op eerste technische vragen bij de Sportnota heeft u in kaart gebracht hoeveel kunstgrasvelden (aantal en vierkante meters) er de afgelopen jaren zijn aangelegd en hoeveel er nog in de planning staan. Het bedrag aan verstrekte subsidie zou niet op te leveren zijn; wel de geplande subsidies. Ook had u geen inzicht in de effecten op gezondheid en milieu kon u niet aangeven.[1]

Inmiddels is er meer bekend. Zaterdag (27-02-2016) verscheen in de Volkskrant[2] het artikel ‘Van kunstgras voetbalveld tot plastic soep’, waarin beschreven wordt dat kunstgras voetbalvelden worden bedekt met een strooisel van kunststof korreltjes (vermalen autobanden). Deze korreltjes blijven verhuizen via voetbalkleding en schoenen naar de omgeving. Hierdoor verdwijnt in Nederland jaarlijks één miljoen kilo plastic korreltjes in het milieu. Voetbalvelden zijn een bron van microplastics door de slijtage van het kunstgras en via het rubbergranulaat (de korreltjes) dat aan het veld wordt toegevoegd.

Gezien de duurzaamheidsambities van Leiden vinden wij het niet te begrijpen dat kunstgrasvelden niet alleen acuut een halt wordt toegeroepen, maar dat deze zelfs gesubsidieerd worden. Daarom heeft onze fractie de volgende vragen:

1. Hoeveel subsidiegeld is er tot nu verstrekt aan kunstgras op welke sportvelden, en hoeveel staan er nog op stapel? Kunt u het overzicht completeren met financiële gegeven? Hoeveel wordt er bespaard op onderhoud? (Maaien)

Alleen kunststofrubber ingestrooide voetbalvelden worden jaarlijks bestrooid met kunststofkorreltjes. Momenteel beschikken we over 25 voetbalvelden waarvan 9 rubber ingestrooide kunstgrasvelden en 3 kunstgrastrainingsvelden die half zo groot zijn. Dit jaar komt daar nog een veld bij omdat één natuurgrasvoetbalveld op sportcomplex Kikkerpolder wordt vervangen door een kunstgrasvoetbalveld.

De aanlegkosten van een volwaardig kunstgrasvoetbalveld zijn ongeveer € 400.000,- per veld, de aanlegkosten van een standaard natuurgrasveld zijn ca € 100.000,- per veld. De jaarlijkse onderhoudskosten voor een kunstgrasveld bedragen ongeveer € 9.000,- en voor een natuurgrasveld ongeveer € 14.000,-.

2. Met hoeveel kilo kunststof korrels worden deze velden jaarlijks bijgevuld? Welk materiaal betreft het?[3]

Gemiddeld betreft dit 600 kg per rubber (SBR) ingestrooid kunstgasveld per vijf jaar.

3. Op hoeveel velden wordt gebruik gemaakt van een alternatief, bijvoorbeeld korrels van kurk? Graag een overzicht van de alternatieven en hoe vaak deze gebruikt worden.

In Leiden zijn geen kunstgrasvelden aangelegd met kunststof infill (TPE) of kurk infill, mede omdat deze velden sporttechnisch en beheertechnisch minder goed functioneren. Ook is een dergelijk infillveld gemiddeld € 50.000,- duurder. We houden de ontwikkelingen echter nauwlettend in de gaten en zodra er een volwaardig en betaalbaar alternatief beschikbaar is kan deze methode ook in Leiden toegepast worden.

4. Deelt het college de zorgen van de PvdD met betrekking tot microplastics die vrijkomen bij slijtage van kunstgras en via het rubbergranulaat dat aan voetbalvelden wordt toegevoegd?

Het college deelt de zorgen gedeeltelijk: een klein deel van de korrels kan in het milieu terechtkomen bij hele harde wind of regen. Het meeste materiaal wordt echter via de schoenen meegenomen naar de roosters buiten het veld en op de paden om de velden. Hier wordt het opgeveegd en bij het afval gedaan. Ook via de kleding worden korrels meegenomen die via de wasmachine in het riool verdwijnen. De vezels van de mat slijten, dit is inherent aan het gebruik van de kunstgrasvelden. Het vrijgekomen materiaal is niet UV stabiel en zal op den duur vergaan.

5. Is het bij college bekend of er bij Leidse verenigingen die kunstgrasvelden hebben dergelijke maatregelen worden uitgevoerd? Zo ja, graag de informatie hierover. Zo nee, welke mogelijkheden heeft het college om verenigingen hiertoe te stimuleren en zo de milieu-impact van de strooikorrels in hun velden te beperken?

Kunstgrasvelden beschikken over schoonlooproosters of matten waar een groot deel van het kunststofmateriaal wordt afgevangen. Verder ligt er bij de kunstgrasvelden rondom een strook verharding en is de route naar de kleedkamers verhard.

6. Sinds enkele jaren is er ook kunstgras beschikbaar dat op een speciale manier geweven is waardoor instrooikorrels niet meer nodig zijn. Zal dit type kunstgras ook worden toegepast bij Lugdunum (gepland zomer 2016) en andere verenigingen? Is het college bereid de aanleg van dit type kunstgras als voorwaarde te stellen voor subsidie?

Nee, de gemeente Leiden heeft op dit moment geen velden die op die speciale manier geweven zijn, omdat dit type veld nog niet aan de benodigde eisen (KIWA sport) voldoet. Een subsidie is in dit geval overigens niet aan de orde omdat de aanleggen van sportvelden door (in eigendom van) de gemeente plaatsvindt.   

Stadsvogeldeskundige Jip Louwe Kooijmans maakte op de bijeenkomst over biodiversiteit bekend dat er op kunstgrasvelden meer chemische bestrijdingsmiddelen worden gebruikt dan op echte grasvelden. Op kunstgras vormen zich namelijk algen, die zich tot een vieze slijmlaag kunnen ontwikkelen.

7. Op welke manier worden deze algen bestreden en is de gemeente hierbij betrokken? Verdwijnt deze substantie in het milieu of wordt deze afgevoerd? Er zijn enkele milieuvriendelijke alternatieven. Worden deze toegepast, of is de gemeente hierover in gesprek?

Deze vraag geldt alleen bij watervelden, waarvan er op dit moment nog geen in Leiden aanwezig zijn. Bij een waterveld (Hockey) wordt gebruik gemaakt van UV filters die algenvorming tegengaan bij het besproeien.

In Leiden worden geen chemische bestrijdingsmiddelen gebruikt. Algenproblemen worden mechanisch of met milieuvriendelijke middelen bestreden. Bij het aan te leggen waterveld bij HC Roomburg zal voor onderhoud wanneer nodig een biologisch middel worden ingezet.

De productie, aanleg en vernieuwing van kunstgrasvelden is belastend voor het milieu, terwijl natuurgrasvelden daarentegen juist een positieve bijdragen leveren door onder meer het vasthouden van CO2. Natuurgras lijkt bovendien goedkoper te zijn, waardoor voor hetzelfde bedrag meer sportvelden aangelegd kunnen worden dan wanneer voor kunstgras gekozen wordt.

8. Is het college het met de PvdD eens dat bij het aanleggen, vernieuwen of uitbreiden van sportvelden de afweging tussen kunstgras en natuurgras gemaakt zou moeten worden op basis van gevolgen voor het milieu en daarmee ook de volksgezondheid? 

Nee, door de beperkte ruimte voor uitbreiding van sportparken in een dicht bebouwde stad als Leiden wordt de afweging voor natuurgras of kunstgras primair ingegeven vanuit de beschikbare ruimte en capaciteitsbehoefte van sporten. De bespeelbaarheid en multifunctioneel gebruik is met kunstgras veel groter en biedt een stabielere kwaliteit. Een kunstgrasveld biedt ook gebruiksmogelijkheden voor een groot aantal andere partijen (onderwijs, jeugd en jongerenwerk, andere sportverenigingen, buurtverenigingen en bedrijven). Een kunstgras sportveld krijgt hierdoor een groter bredere maatschappelijke functie en een groter rendement.

Uiteraard dient de kwaliteit van kunstgrasvelden te voldoen aan gestelde eisen voor gezondheid en milieu. Het college is daarbij van mening dat het meten en inzichtelijk maken van deze effecten een landelijke aangelegenheid is. Vanuit de Branchevereniging Sport en Cultuurtechniek wordt in dit verband gekeken of er hiertoe nader onderzoek gedaan wordt. Wij wachten mogelijke onderzoeksresultaten af. Overigens heeft de kwaliteit van groen onze aandacht bij de (her-)inrichting van sportparken.

9. Deelt het college de zorgen van de PvdD dat met het aanleggen van kunstgras een foerageergebied voor dieren verloren is gegaan? Er kan geen worm meer de kunstgraslaag. Je kunt het gebied dan net zo goed asfalteren. Hoe rijmt u dit met andere acties die de gemeente stimuleert, zoals de operatie Steenbreek, en andere biodiversiteitdoelen binnen het programma Duurzaamheid?

Het college realiseert zich dat bij de omvorming van sportterreinen, waarbij de grasmat vervangen wordt door een kunstgrasmat, een beperking optreedt met het effect voor vogels. Qua biodiversiteitdoelstellingen is er achteruitgang, echter andere duurzaamheidsdoelen blijven wel intact (wateropvang) of verbeteren.

Kunstgrasvelden zijn namelijk wel duurzamer in beheer en onderhoud. Wij vinden het ook van groot belang dat er in onze dichtbebouwde stad voldoende gelegenheid is voor Leidenaren om te sporten. Dit heeft intensieve bespeling van de velden tot gevolg en dat maakt velden van kunststof noodzakelijk. Zie verder ons antwoord bij vraag 8.

10. Leiden gaat door als de meest versteende gemeente van Nederland. Deelt het college de mening van de PvdD dat de aanleg van kunstgras elders gecompenseerd zou moeten worden, door eenzelfde aantal vierkante meters te onttegelen?

Nee. Leiden is een van de meest dichtbevolkte steden in Leiden en de druk op de beschikbare grond is groot. Mede omdat Leiden geen ‘vrije ruimte’ heeft kan het toevoegen van steen of kunstgras niet zomaar elders worden gecompenseerd. Bovendien verslechterd door kunstgrasvelden de wateropvangmogelijkheid niet in die zin dat geen watercompensatie hoeft plaats te vinden.

Wij streven ernaar om in de toekomstige ontwikkeling van de sportparken naar multifunctionele wijksportparken ook zoveel als mogelijk natuurlijk groen in te passen. Los daarvan wordt met diverse projecten in het kader van openbare ruimte (Singelpark) en Duurzaam Leiden al ingezet op vergroening van Leiden.

Kunstgrasvelden zijn over het algemeen groen. Dat is misleidend voor vogels. Laatst zag ik 2 scholeksters landen op zo’n kunstgrasveld. Ze dachten wormen te kunnen pikken maar kwamen bedrogen uit.

11. Bent u bereid als voorwaarde voor subsidie te stellen om nieuw aan te leggen kunstgrasvelden paars of oranje te maken, als teken en als waarschuwing dat het geen echt gras is?

Het oppervlak van voetbalvelden moeten bij de FIFA aangesloten bonden, waaronder de KNVB, voldoen aan de eisen van de ‘FIFA Quality Concept for Football Turf’ of de ‘International Artificial Turf Standard’. Een van die eisen is dat het veld groen van kleur is. Indien hieraan niet wordt voldaan dan is het spelen van landelijke competities voor Leidse sportverenigingen niet mogelijk.

[1] Antwoord op technische vragen Evaluatie Sportnota d.d. 14-1-2016
Het totaal aan oppervlakte kunstgras extra gerealiseerd in de periode 2010 t/m 2015 betreft 35.836 m2:

Kikkerpolder          UVS                                      hoofdveld                   8.512 m2
Noord                     Roodenburg                       veld 2 verbreding          313 m2
Montgomery          KZ Danaiden                      2 korfbalvelden          4.264 m2
Boshuizerkade      Golsport/FC Boshuizen      2 kunstgrasvelden    15.150 m2
Morskwartier II      VV Leiden/Rijnland            veld 3                           7.597 m2

In 2016 staat de toevoeging bij Lugdunum vervanging hoofdveld met 8.200 m2 op stapel. Het inschatten van effecten op gezondheid en milieu kunnen wij niet aangeven. Alleen op basis van een onderzoek door gespecialiseerd bureau zou dat inzichtelijk kunnen worden gemaakt.

Diverse sportparken vervanging gras naar kunstgras: totaal beschikbaar 1.367.000
Invulling:

UVS nieuw kunstgrasveld gerealiseerd 2015: 350.000
Kunstgrasveld Lugdunum (reeds toegezegd en gepland 2016): 265.000
Reservering uitbreiding capaciteit hockey: 500.000
Restant voor korfbal, tennis en voetbal: 252.000
(Evaluatie Sportnota, p. 23)

[2]
www.volkskrant.nl/economie/van-kunstgras-voetbalveld-tot-plastic-soep~a4252579/

[3] Korrels van rubbergranulaat kunnen diverse chemicaliën uit oude autobanden bevatten. Om verontreiniging van de directe omgeving te voorkomen kunnen diverse maatregelen genomen worden. Voorbeelden hiervan zijn het zorgen voor verhardingtussen kunstgrasveld en kleedkamer, regelmatig schoonvegen hiervan en  het veegzand bij het restafval doen, en de drainage van het veld scheiden van de afwatering van de rest van het terrein om zo het drainagewater regelmatig te kunnen monitoren op verontreiniging.