Schrif­te­lijke Vragen: Voorkomen van mili­eu­ver­vuiling door zinkende boten


Indiendatum: 8 feb. 2021

Op 5 februari 2021 is een kajuitjacht gezonken waardoor honderden liters dieselolie in het water van de Oude Vest zijn gelekt. En hoewel er geprobeerd is de dieselolie uit het water te halen en verspreiding te voorkomen, dreef de olie tegen de middag al bij het Galgewater. De olie vervuilt het water, blijft plakken aan kademuren en aan de veren van watervogels.

Dit is niet het eerste incident waarbij een gezonken boot zorgt voor milieuvervuiling. Zo’n 1,5 jaar geleden zonk een schip aan de Oranjegracht waarbij olie in het water is gekomen. En recent stelde de Partij voor de Dieren nog vragen over milieuvervuiling door zinkende boten in de illegale haven aan de Potgieterlaan.

De Partij voor de Dieren vindt dat het college meer moet doen om milieuvervuiling door zinkende schepen te voorkomen en daarom stelt het lid Van Schaik (Partij voor de Dieren), op grond van artikel 45 van het Reglement van Orde, het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Leiden de volgende vragen over het voorkomen van milieuvervuiling door zinkende boten.

1. Op welke wijze is afgelopen vrijdag geprobeerd om de vervuiling door de gelekte dieselolie schoon te maken?

2. Hoe kan het dat er toch nog olie in het water achterbleef en weg kon stromen richting Galgewater en verder?

3. Wat is de milieuschade door dit incident op de plaats waar het schip zonk? Hoe schat het college de milieuschade is door de afgedreven olie? Op welke wijze wordt de milieuschade hersteld?

4. Wie betaalt de kosten voor berging van de boot? Wie betaalt de kosten voor het opruimen van de olie en het herstellen van de milieuschade?

5. Het is dus niet de eerste keer dat een zinkende boot zorgt voor milieuvervuiling. Wat heeft het college sinds juli 2019 (het moment waarop het schip aan de Oranjegracht zonk) gedaan om herhaling te voorkomen?

6. Is het college het met de Partij voor de Dieren eens, dat er meer moet gebeuren om milieuvervuiling door zinkende schepen te voorkomen? Zo ja: wat gaat het college doen? Zo nee: waarom niet?

7. Wordt er in het ligplaatsenbeleid aandacht besteed aan preventie en het voorkomen van milieuvervuiling door schepen?

a. Zo ja: hoe wordt daar in de praktijk invulling aan gegeven? Is er bijvoorbeeld een regelmatige schouw van aangemeerde schepen om te kijken naar mogelijke risico’s op zinken? Is het bijvoorbeeld mogelijk om afsluitbare machinekamers te verplichten als voorwaarde voor een ligplaatsvergunning?

b. Zo ja: hoe beoordeelt het college de effectiviteit van dit preventieve beleid? Hoe kan het aangescherpt worden zodat er effectiever wordt voorkomen dat er milieuvervuiling door gelekte olie optreedt? Welke aanscherpingen stelt het college voor?

c. Zo nee: is het college bereid om het ligplaatsenbeleid aan te scherpen en een passage op te nemen waarin preventieve maatregelen staan waarmee milieuvervuiling door zinkende boten moet worden voorkomen (zoals regelmatig schouwen, inzet handhaving, aanvullende voorwaarden voor ligplaatsvergunning, kosten opruimen vervuiling verhalen op booteigenaar)?

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer