Vernieling nesten en broedsel weidevogels Wassenaarseweg

Op 19 mei constateerde ik dat het weiland aan te Wassenaarseweg grenzend aan de manege Moedig Voorwaarts (ter hoogte van kasteel Endegeest), geel was gekleurd. (zie foto).

Op 25 mei bleek het omgeploegd of afgedekt met een laag aarde. Op dit landje waren in elk geval drie kieviten aan het broeden en mogelijk ook een scholekster, 1 nest was al uitgekomen (donsjongen). Deze zijn nu dood. De andere nesten zijn vernield. Dit is een forse overtreding van de Flora- en Faunawet[1]; ik heb hiervan dan ook een melding gedaan bij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit.

Dit land ligt op het grondgebied van Oegstgeest, maar navraag leerde dat de grond eigendom is van de gemeente Leiden, die het verpacht aan de Stichting Paardrijden voor Gehandicapten Leiden (SPG). Die heeft opdracht gegeven om het land om te ploegen en opnieuw in te zaaien om er paarden in te laten weiden. De gemeente Oegstgeest heeft geen vergunning verleend (en ook geen aanvraag ontvangen). Ook het grondgebied waarop kasteel Endegeest (Rivierduinen is gevestigd), schijnt eigendom te zijn van de gemeente Leiden. In 2014 constateerde ik dat een tuinman rijkelijk met Roundup aan het sproeien was – het gif droop zelfs in de kolk. (De betreffende dacht dat het niet giftig was).

Wij willen u hierover enkele vragen stellen:

1. Pacht de SPG deze grond inderdaad van de gemeente Leiden, en is er overleg over de werkzaamheden?

2. Welke afspraken maakt de gemeente met particuliere huurders (bijvoorbeeld ook tuinverenigingen) over het gebruik van bestrijdingsmiddelen zoals Roundup, en over herinrichting van land of uitgebreide tuinwerkzaamheden, waardoor broedvogels en andere dieren verstoord kunnen worden?

3. Voelt Leiden zich verantwoordelijk voor flora en fauna voor gronden die in eigendom zijn, maar op het grondgebied van een andere gemeente liggen? Waar ligt hier de verantwoordelijkheid op het gebied van de handhaving?

[1]
Artikel 9
Het is verboden dieren, behorende tot een beschermde inheemse diersoort, te doden, te verwonden, te vangen, te bemachtigen of met het oog daarop op te sporen

Artikel 10
Het is verboden dieren, behorende tot een beschermde inheemse diersoort opzettelijk te verontrusten

Artikel 11 Het is verboden nesten, holen of andere voortplantings- of vaste rust- of verblijfplaatsen van dieren, behorende tot een beschermde inheemse diersoort, te beschadigen, te vernielen, uit te halen, weg te nemen of te verstoren. Overtreding daarvan is een economisch delict (artikel 1a, sub 2 Wet Economische delicten) indien niet opzettelijk gedaan en een misdrijf indien opzettelijk gedaan *artikel 2, lid 1 Wed). Voorwaardelijke opzet is voldoende (lees "je had het kunnen weten", bijvoorbeeld door onvoldoende voorzorgmaatregelen te nemen, in casu inspectie vooraf van het land).

Antwoorden

Op 19 mei constateerde ik dat het weiland aan te Wassenaarseweg grenzend aan de manege Moedig Voorwaarts (ter hoogte van kasteel Endegeest), geel was gekleurd. Op 25 mei bleek het omgeploegd of afgedekt met een laag aarde. Op dit landje waren in elk geval drie kieviten aan het broeden en mogelijk ook een scholekster, 1 nest was al uitgekomen (donsjongen). Deze zijn nu dood. De andere nesten zijn vernield. Dit is een forse overtreding van de Flora- en Faunawet[1]; ik heb hiervan dan ook een melding gedaan bij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit.

Dit land ligt op het grondgebied van Oegstgeest, maar navraag leerde dat de grond eigendom is van de gemeente Leiden, die het verpacht aan de Stichting Paardrijden voor Gehandicapten Leiden (SPG). Die heeft opdracht gegeven om het land om te ploegen en opnieuw in te zaaien om er paarden in te laten weiden. De gemeente Oegstgeest heeft geen vergunning verleend (en ook geen aanvraag ontvangen). Ook het grondgebied waarop kasteel Endegeest (Rivierduinen is gevestigd), schijnt eigendom te zijn van de gemeente Leiden. In 2014 constateerde ik dat een tuinman rijkelijk met Roundup aan het sproeien was – het gif droop zelfs in de kolk. (De betreffende dacht dat het niet giftig was).

Wij willen u hierover enkele vragen stellen:

1. Pacht de SPG deze grond inderdaad van de gemeente Leiden, en is er overleg over de werkzaamheden?

Stichting Paardrijden voor Gehandicapten huurt sinds 1 januari 1982 de grond van de gemeente Leiden. De huurder heeft aangegeven noodzakelijke onderhoudswerkzaamheden aan het perceel te willen uitvoeren. Hij is hiertoe verplicht in de lopende huurovereenkomst. Voorafgaand aan de werkzaamheden is er door de huurder een risico inventarisatie uitgevoerd door Adviesbureau Natuurzorg. Onze huurder heeft zich naar eigen zeggen aan alle aanbevelingen uit het rapport gehouden. Ter verduidelijking hebben wij een kopie van de rapportage en een  schriftelijke toelichting van de huurder meegestuurd. (zie bijlage).

2. Welke afspraken maakt de gemeente met particuliere huurders (bijvoorbeeld ook tuinverenigingen) over het gebruik van bestrijdingsmiddelen zoals Roundup, en over herinrichting van land of uitgebreide tuinwerkzaamheden, waardoor broedvogels en andere dieren verstoord kunnen worden?

VAG heeft in de huur-/pachtovereenkomsten m.b.t. agrarische grond geen bijzondere bepalingen opgenomen over het gebruik van bestrijdingsmiddelen. Voor de herinrichting van een gebied dient een huurder/gebruiker toestemming te vragen aan VAG. Reguliere onderhoudswerkzaamheden dienen door huurder uitgevoerd te worden, zoals gemeld zijn hier geen onderhoudsbepalingen voor opgenomen. In de huurovereenkomst van het Sportbedrijf Leiden met het overkoepelend orgaan van de 6 tuinverenigingen is het volgende artikel opgenomen:

Artikel 12
Milieuvriendelijk natuurlijk volkstuinieren

  1. Huurder stimuleert het milieuvriendelijk natuurlijk tuinieren bij de in artikel 1 genoemde tuinverenigingen.
  2. Huurder is gehouden om een terughoudend bestrijdingsmiddelengebruik bij de gebruikers van de volkstuinen te stimuleren en dient er in ieder geval op toe te zien dat de bepalingen van de Bestrijdingsmiddelenwet in acht worden genomen.
  3. Huurder spant zich in het gebruik van tropisch hardhout in principe tegen te gaan, tenzij het tropisch hardhout gecertificeerd is.

3. Voelt Leiden zich verantwoordelijk voor flora en fauna voor gronden die in eigendom zijn, maar op het grondgebied van een andere gemeente liggen? Waar ligt hier de verantwoordelijkheid op het gebied van de handhaving?

a. Voelt Leiden zich verantwoordelijk voor flora en fauna voor gronden die in eigendom zijn, maar op het grondgebied van een andere gemeente liggen?
Ja, daar voelt ons college zich verantwoordelijk voor, voor zover dit past binnen een normale relatie tussen verhuurder/verpachter enerzijds en huurder/pachter  anderzijds. Zo mag je als verhuurder/verpachter ervan uit gaan dat een huurder/pachter zich houdt aan de wet. Voorafgaand aan de werkzaamheden is eroor de huurder een risico inventarisatie uitgevoerd door Adviesbureau Natuurzorg. Onze huurder heeft zich naar eigen zeggen aan alle aanbevelingen uit het rapport gehouden.

Dat gezegd hebbende, wijzen wij terug naar bovenstaande beantwoording en de bijlagen en concluderen wij dat er – ogenschijnlijk - in deze geen sprake is geweest van onzorgvuldig, laat staan onwettig, handelen.

b. Waar ligt hier de verantwoordelijkheid op het gebied van de handhaving?
U meldt zelf dat u deze casus heeft gemeld bij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit. Naar ons beste weten is dit inderdaad de bevoegde instantie, daar waar het gaat om overtredingen aangaande de Flora- en Faunawet en de regelgeving die betrekking heeft op de graslandvernietiging. (Wat mag op welke grondsoorten, gedurende welke perioden van het jaar, onder welke voorwaarden.)


[1]
Artikel 9
Het is verboden dieren, behorende tot een beschermde inheemse diersoort, te doden, te verwonden, te vangen, te bemachtigen of met het oog daarop op te sporen

Artikel 10
Het is verboden dieren, behorende tot een beschermde inheemse diersoort opzettelijk te verontrusten

Artikel 11 Het is verboden nesten, holen of andere voortplantings- of vaste rust- of verblijfplaatsen van dieren, behorende tot een beschermde inheemse diersoort, te beschadigen, te vernielen, uit te halen, weg te nemen of te verstoren. Overtreding daarvan is een economisch delict (artikel 1a, sub 2 Wet Economische delicten) indien niet opzettelijk gedaan en een misdrijf indien opzettelijk gedaan *artikel 2, lid 1 Wed). Voorwaardelijke opzet is voldoende (lees "je had het kunnen weten", bijvoorbeeld door onvoldoende voorzorgmaatregelen te nemen, in casu inspectie vooraf van het land).